zondag 15 november 2015

Over grenzen

Het was omstreeks 1955. Ik zat in de derde klas van de Lagere School. We kregen les in aardrijkskunde. De onderwijzer had voor het schoolbord een grote kaart van Nederland gehangen.
Met een aanwijsstok met een rubberen punt tikte hij op de kaart en wees ons waar onze woonplaats, Nijmegen, gesitueerd lag. We leerden hoe Nijmegen vlak aan de grens van Duitsland ligt, het land ten oosten van ons land. Ten zuiden de landen België en Luxemburg, en ten westen de Noordzee, die, als je deze zee overstak leidde naar Engeland.
Zo ook in latere lessen over Europa en de hele wereld.
De onderwijzer gaf met de aanwijsstok de lijnen van de grenzen tussen de landen aan. Langzaam gleed de stok over de duidelijk gemarkeerde dik aangezette grenslijnen. Hij maakte dan steevast de lollig bedoelde opmerking dat Engeland, of Groot Brittannië zoals we later leerden, zijn grenzen van de zee had gekregen.
Soms nodigde hij een kind uit om met de stok zijn voorbeeld te volgen. Ook ik mocht een keer grenzen van verschillende landen aangeven. Het viel mij op dat sommige grenzen parallel liepen met rivieren, dus een natuurlijk grens vormden. Maar ook dat grenzen soms dwars door gebergten gingen, of andere natuurgebieden. Dat het landschap niet altijd veranderde als je een ander land bezocht.

Aan het eind van de les mochten we vragen stellen. Niet vaak stelde ik een vraag. Dat kwam niet omdat ik geen vragen had, maar mijn verlegenheid, en de angst voor het misschien stellen van een domme vraag hielden mij tegen.
Maar nu stak ik mijn vinger op, en de onderwijzer knikte naar me. En terwijl ik mij bewust was van alle ogen die op mij gericht waren, vroeg ik: Wie bepaalt eigenlijk hoe de grens tussen de landen moet lopen? En waarom zijn er grenzen gemaakt?
De onderwijzer zuchtte, voor hij zijn antwoord probeerde te formuleren. Dat is haast een filosofische vraag Marijke, zei hij. Ik wist niet wat een filosofische vraag was, maar wel dat de vraag iets teweeg had gebracht bij hem. Dat stelde me enigszins gerust over het niveau van mijn vraag.
Hij vertelde dat het ontstaan van grenzen een lange geschiedenis had, waar je vele boeken over zou moeten raadplegen om daar antwoord op te krijgen. Dat het te ver zou voeren om in een les te behandelen. Maar ook zei hij dat hij het niet wist, er eigenlijk geen antwoord op had. Dat het voor hem ook een vraag was.

Een filosofische vraag dan.

maandag 8 september 2014

Mijn zusje en ik

Oorspronkelijk geplaatst op web-log.nl, 20 mei 2006

We speelden samen met nog een buurtvriendinnetje in het park aan het eind van de Singendonckstraat. Het was eerste Paasdag 1953.

Een meneer verstoorde ons spel en verzocht ons bij een grote boom te gaan staan om 'een mooie foto' van ons te maken. We vertrouwden hem niet, want onze moeder had gezegd: 'nooit spreken met, of iets aannemen van een vreemde meneer of mevrouw!' Maar wij verstonden nog niet de kunst van het afwijzen. Volwassenen waren immers wezens waar je naar moest luisteren, zo waren wij geprogrammeerd. Voor het buurtvriendinnetje was de zaak heel duidelijk. Ze wist het zeker. Als een pijl uit haar boog rende ze naar huis, al schreeuwend: 'dat is een vieze man die vieze dingen met je wil doen!'

Mijn zusje zei ‘ik geloof hem wel, hij wil echt alleen maar een foto maken en ik wil wel op de foto’, en ze ging al in poseerhouding voor de boom staan. Aarzelend, ook al omdat ik haar niet alleen wilde laten, voegde ik mij bij haar.

Tot mijn grote opluchting kwam de meneer een week later bij ons aan de deur met de foto. Onze moeder was er blij mee. En de meneer ook want de foto was niet gratis.


Het meisje met de strik ben ik. De verwarring en achterdocht is op mijn gezicht te lezen.
Mijn zusje lacht onbevangen en voelt zich als een fotomodel...

zondag 16 maart 2014

Een aubade

 
                                          Een haikuversje
                                          Voor een Japanse Sierkers
                                          Bloesemweelderig


woensdag 15 mei 2013

Dansen (Haiku)


Dansen dansen dans

het leven door en later

danst het dansen door

zaterdag 30 maart 2013

Stil


Zonder beweging

val ik stil
 

graaf diep van binnen

in duistere holen
 

waar naar dan pas blijken zal

waakvlammen welig tieren
 

schijnbaar onbewogen

donderdag 14 februari 2013

De ziel van het Oranjekanaal


De klanken van de tjalken

de stemmen van de kerels

scheepsjagers op jacht

en de vrouwen in de liene


werden overstemd door

ronkende scheepsmotoren

gejammer bij de bruggen

over brood hen uit de mond genomen



toch bleek het slechts de prelude

van het latere slotkoor

de ware bestemming van het kanaal


want zie, voor de stille sluizen

het rustig kabbelende water

aanmerende koeten met jong gebroed

wandelaars

die verademing ademen


een enkel bootje dat voorbij vaart


buigen bomen

hun kronen neerwaarts

in schijnbare eerbied

als een eeuwige dankbetuiging


voor dit fraaie debacle
 
 
 
Drents Diep over het Oranjekanaal:
 

maandag 7 januari 2013

Aanvaarding



Alles valt op de plaats
waar het hoort te vallen

vanuit deze heelheid kan
ik brokstukken pakken

ze bekijken en vol tederheid
terugleggen

op de plaats
van bestemming



*Deze foto is gemaakt op de zolder van mijn moeder, mijn ouderlijk huis, kort nadat zij was overleden.
juni 1998*